Reactie op berichtgeving over het EVC-stelsel

Op 31 januari 2025 besteedde Nieuwsuur aandacht aan vermeende misstanden binnen het EVC-stelsel, naar aanleiding van fraude met zorgdiploma’s. Volgens de Inspectie en de IGJ zijn er ruim duizend diploma’s uitgegeven die deels gebaseerd zouden zijn op valse Ervaringscertificaten. In eerdere berichtgeving hebben wij als Vereniging van Erkende EVC-aanbieders (VVEA) al gereageerd op deze kwestie. Echter, in plaats van het falen van de examencommissies te belichten – de partijen die verantwoordelijk zijn voor de verificatie van diploma’s en certificaten – heeft Nieuwsuur ervoor gekozen om het vergrootglas te leggen op het EVC-stelsel, dat hier nauwelijks een rol in heeft gespeeld.

Opvallend is dat Nieuwsuur geen enkele vertegenwoordiger uit het EVC-stelsel heeft geraadpleegd en daarmee heeft nagelaten om de verantwoordelijke partijen binnen het stelsel te horen. Hierdoor is een eenzijdig en onvolledig beeld ontstaan van hoe het EVC-stelsel functioneert en welke verantwoordelijkheden bij andere partijen liggen.

Wij benadrukken dat erkende EVC-aanbieders zeer duidelijke en geformuleerde afspraken hebben met onderwijsinstellingen, waarin de borging en betrouwbaarheid van Ervaringscertificaten helder is vastgelegd. Deze afspraken zorgen voor transparantie en garanderen dat alleen correct afgegeven en geregistreerde certificaten worden geaccepteerd. Dit versterkt niet alleen de betrouwbaarheid van het stelsel, maar zorgt er ook voor dat onderwijsinstellingen op een verantwoorde manier gebruikmaken van Ervaringscertificaten binnen hun toetsingsprocedures.

Duidelijkheid over geldige Ervaringscertificaten

Laten we helder zijn: alleen geregistreerde Ervaringscertificaten van erkende EVC-aanbieders zijn geldig. Als erkende aanbieder zijn wij verplicht om elk Ervaringscertificaat te registreren in het nationaal register, beheerd door het Nationaal Kenniscentrum EVC (NKC). Dit is een essentiële borging binnen het stelsel. Examencommissies van onderwijsinstellingen zijn wettelijk verplicht om deze registratie te controleren. Op de website van DUO staat dan ook expliciet vermeld dat een “niet-geregistreerd Ervaringscertificaat waardeloos is.” Dit is vergelijkbaar met een niet-geregistreerd diploma van een onderwijsinstelling.

In de fraudezaken die door Nieuwsuur worden aangehaald, blijkt dat onderwijsinstellingen deze controle in veel gevallen hebben nagelaten. De verantwoordelijkheid voor het toelaten van niet-geregistreerde certificaten ligt dan ook primair bij de instellingen die deze certificaten als bewijsstukken hebben geaccepteerd zonder adequate verificatie.

Onjuiste beeldvorming over toezicht binnen het EVC-stelsel

Nieuwsuur schetst een beeld waarin het EVC-toezicht wordt neergezet als een commerciële activiteit, waardoor onvoldoende garanties zouden bestaan. Wat hierbij volledig wordt genegeerd, is dat het NKC een onafhankelijke stichting zonder winstoogmerk is en als toezichthouder is aangewezen door de Stichting van de Arbeid.

Daarnaast bestaat er een misvatting over het gebruik van de term ‘EVC’. Helaas is ‘EVC’ geen beschermde titel. Hierdoor kunnen ook niet-erkende partijen, die buiten het toezicht van het stelsel opereren, de term EVC gebruiken voor hun diensten. Dit heeft geleid tot verwarring en verkeerde beeldvorming. De kern van het probleem ligt echter niet bij het toezicht op erkende EVC-aanbieders, maar bij het feit dat de gesignaleerde fraudegevallen betrekking hebben op niet-geregistreerde certificaten. Deze vallen per definitie buiten het erkende stelsel en buiten de controle van de erkende aanbieders.

Het is betreurenswaardig dat Nieuwsuur deze nuance niet heeft meegenomen en geen aandacht heeft besteed aan de cruciale rol van examencommissies en hun verantwoordelijkheid in het verifiëren van certificaten. Daarnaast is er in de berichtgeving geen enkele vertegenwoordiger van het EVC-stelsel aan het woord gelaten om deze feiten toe te lichten.

Verantwoordelijkheid van onderwijsinstellingen en werkgevers

Brancheorganisaties binnen de zorgsector wijzen hun achterban, waaronder zorginstellingen, er terecht op dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor de controle op de echtheid van diploma’s en Ervaringscertificaten. Wij adviseren samen met de brancheorganisaties dat zorginstellingen en andere werkgevers niet blind vertrouwen op aangeleverde documenten, maar om altijd aanvullende controles uit te voeren. Denk hierbij aan intakegesprekken en praktijkgerichte toetsing van de vaardigheden van nieuwe medewerkers.

Versterking van kwaliteitsborging binnen het EVC-stelsel

De leden van de VVEA hanteren al strikte kwaliteitsnormen en zetten zich actief in om deze verder te versterken. Naast de bestaande landelijke eisen ontwikkelen wij een aanvullend kwaliteitskeurmerk voor erkende EVC-aanbieders. Dit keurmerk biedt nog meer zekerheid over de daadwerkelijke inzetbaarheid van kandidaten in werksituaties en sluit aan bij de behoefte aan een meer skillsgerichte arbeidsmarkt.

Door deze aanvullende kwaliteitskaders spelen onze erkende aanbieders in op de behoeften van zowel werknemers als werkgevers. Dit initiatief onderstreept ons streven naar continue verbetering en kwaliteitsborging binnen het erkende EVC-stelsel.

Conclusie

De berichtgeving van Nieuwsuur is onvolledig en schetst een onjuist beeld van het EVC-stelsel. De geconstateerde fraudegevallen hebben betrekking op niet-geregistreerde certificaten en vallen daarmee buiten het toezicht van het erkende stelsel. Het werkelijke probleem ligt in het gebrek aan controle door examencommissies en onderwijsinstellingen bij het verifiëren van certificaten.

Het erkende EVC-stelsel is een solide en goed gereguleerd systeem dat professionals helpt om hun werkervaring op waarde te laten schatten. De VVEA blijft zich inzetten voor transparantie, betrouwbaarheid en een sterke aansluiting op de arbeidsmarkt.